Susan Dabrowska (18) 5 havo:
‘Ik hoef geen lessen Duits meer te volgen’
‘Op de een of andere manier ben ik heel goed in Duits. Ik weet niet hoe dat komt. In overleg met de docent mocht ik begin december al mijn eindmondeling doen en de verplichte brief inleveren, dus nu hoef ik alleen nog examen te doen en geen lessen meer te volgen. Die tijd kan ik goed gebruiken voor wiskunde, want daar ben ik juist weer niet zo goed in. Maar je kunt hier gelukkig altijd om extra hulp vragen. Dus voor elke toetsweek kan ik wel bijles regelen voor wiskunde. Zo gaat dat hier, de docenten willen je altijd wel helpen en je krijgt veel aandacht. Vorig jaar hoefde ik ook geen Duitse lessen te volgen en toen heb ik High Potential gedaan. Ik had voor tekenlessen gekozen. Dat is een hobby van mij. Dit is een school met vele mogelijkheden, het is klein en gezellig en je leert hier veel. Ik ben blij dat ik destijds voor het Thomas a Kempis College heb gekozen.’
Meyke Kloppenburg (14) 2 havo/vwo:
‘Ik had de vermelding “distinct” op mijn Anglia-certificaat’
‘Dit is een gezellige, fijne school. Niet te groot, niet te klein, niet te streng en helemaal niet eng. De eerste week is natuurlijk wel spannend, maar je bent al snel gewend. Ik doe als extra vak Anglia, dat is extra Engels voor mensen die de gewone Engelse lessen erg makkelijk vinden. Anglia doe ik tijdens de Engelse lessen, of gewoon thuis. Je kunt het op de computer doen en je krijgt oefenboeken. Vorig jaar moest ik het eerste examen doen, daar ben ik voor geslaagd. Ik had “distinct” op mijn certificaat staan, dat betekent dat ik 80% of meer van het examen goed had gemaakt. Mijn ouders spraken veel Engels met elkaar omdat ze dat leuk vonden en ik kijk veel Engelse tv. Ik kan het allemaal ook goed onthouden. In Duits en Frans ben ik niet zo goed, in Nederlands wel weer. Ik ga met plezier naar school.’
Ian Lenselink (13) 1 vmbo basis/kader:
‘Voetbal is mijn passie. Daarom doe ik de voetbalclass’
‘Omdat ik van sporten hou, heb ik voor deze school gekozen. Ik doe de voetbalclass, want mijn passie is voetbal. Ik train op dinsdag- en donderdagmorgen. Volgens mij ben ik wel redelijk goed in voetbal. Ik speel bij SVI, C1 rechtsbuiten. Daar train ik ook drie keer per week, dus in totaal train ik vijf keer per week. Als je veel sport, betekent dat niet dat je de andere vakken minder goed doet, want daar gaat het bij mij ook goed mee. Het is hier wel heel anders dan op een basisschool, maar het is wel zoals ik verwacht had. Behalve sport vind ik techniek heel leuk. Daar hebben we een strandstoel gemaakt en een brug. Je krijgt de opdracht dat die brug vijftig centimeter lang moet zijn en dat hij open moet kunnen, en dan moet je met z’n vieren bedenken hoe je dat gaat doen. Biologie is ook leuk, daar moeten we dingen onder de microscoop bekijken. Later wil ik directeur worden. Ik weet nog niet waarvan, van een supermarkt of zoiets. Maar dat zie ik nog wel.’
Tessa Looyen (17) 6 atheneum:
‘Je leert veel, bijna op een onbewuste manier. Dat is het grappige’
‘Mijn passie is zingen. Twee jaar geleden won ik met een medeleerling de competitie Latent Talent, we zongen een medley en wonnen 3500 euro. Van dat geld wilde ik eerst naar Londen, maar het is de Pop Academie in Amsterdam geworden. Daar doe ik nu een vooropleiding, elke zaterdag naar school. Het is echt wat ik wil. Ik word hier op school goed ondersteund. Als ik het heel druk heb en ik ga het bijvoorbeeld niet halen met een presentatie, dan kan ik dat gewoon overleggen. En ik heb bijvoorbeeld ook een sleutel van het muzieklokaal, zodat ik kan oefenen wanneer ik wil. TaK heeft me een goede basis gegeven. Je kunt hier als leerling terecht met je passie. De leraren gaan heel relaxt met je om en je kunt met ze lachen. Je wordt niet gepusht maar je leert toch veel, bijna op een onbewuste manier. Dat is het grappige. Ik zal het nog gaan missen. En ik moet vast en zeker heel hard huilen als ze na het eindexamen voor me gaan zingen.’
Svenja de Greef (13) 2 havo/atheneum/gymnasium
‘De Tennisclass is nog leuker dan ik verwachtte!’
‘Ik woon in Dedemsvaart en heb bewust voor deze school gekozen, want ik wilde de tennisclass doen. En dat is nog leuker dan ik verwachtte! Op dinsdag en donderdag train ik. De andere leerlingen hebben dan tekenen of drama. Tennis vind ik gewoon heel leuk en ik wil graag zo goed mogelijk worden. Voor school hoef ik eigenlijk niet zo heel veel te doen, ik vind het allemaal wel makkelijk. Gym vind ik het leukst en voor de rest heb ik niet echt lievelingsvakken. Het gaat gewoon heel goed. De school is heel gezellig. Niet zo opgepropt allemaal. En je merkt dat heel veel kinderen sporten. Met gym zijn ze lekker fanatiek, dat vind ik leuk. Ik doe ook Mijn Tak van Sport. Je maakt dan kennis met andere sporten zoals hockey en rugby. Heel interessant. Het is een fijne school en ik kan ‘m van harte aanbevelen.’
Jarno Senz (18) 6 vwo
‘Je wordt hier als topsporter goed begrepen’
‘Drie jaar geleden ben ik van een andere school naar het Thomas a Kempis College gekomen. Dat was bij de overgang van 4 vwo naar 5 vwo. Ik doe waterpolo en ik zat destijds bij Jong Oranje, maar ik kon van die andere school geen vrijstelling voor trainingen en wedstrijden krijgen. Dit is een LOOT-school, dus hier kon dat wel. Helaas bleef ik hier zitten in de vijfde klas. En door een langdurige blessure zit ik ook niet meer bij Jong Oranje. Dat gebeurde vorig jaar, dus ik ben inmiddels redelijk over mijn teleurstelling heen. Ik heb alles gedaan voor de topsport, ik heb er veel van geleerd. De begeleiding op het gebied van sport is hier op school prima. Je wordt als topsporter goed begrepen. Het is klein en je krijgt veel persoonlijke aandacht. En de leraren zijn aardig. Maar nu heb ik geen vrijstellingen meer en volg ik gewoon alle lessen. Ik denk dat ik hierna een hbo-opleiding ga doen.’
Mike van der Moolen (12) 1 havo/vwo:
‘Je maakt leuke dingen mee op deze school, zoals de TaK-expeditie en de duathlon’
Deze school is wel een groot verschil met de basisschool, maar dat weet je van te voren. Ik dacht dat je heel veel zou moeten leren, maar ik vond het wel meevallen. Je moet gewoon goed je huiswerk plannen. Ik hou heel erg van sport en ik zit ook op voetbal. Ik doe de voetbalclass. Dan train je twee keer in de week. De andere kinderen hebben dan modules, dat zijn extra lessen van andere vakken, dus je mist niks. Ik zou best wel profvoetballer willen worden. Als het kan natuurlijk, want dat is wel heel moeilijk. Als hobby vind ik het ook goed. Je maakt leuke dingen mee op deze school. Zoals de TaK-expeditie. Dat is een speurtocht in de stad. En we hebben een keer een duathlon gedaan in tweetallen. Dan moest je 2,5 kilometer hardlopen en 7,5 kilometer fietsen. Ik deed het samen met Sven uit mijn klas. Dit is best een fijne school.
Annelotte Santing (12) 1 havo/vwo:
‘Als leerlingenvoorzitter help ik de leerlingen bijvoorbeeld met plannen’
'Ik vond dit meteen een hele leuke school, het voelde goed en dat doet het nog steeds. Ik heb deze school niet om de sport gekozen, maar om de fijne sfeer. Je kunt hier extra tekenen of techniek volgen. Ik ben wel creatief. Je krijgt leuke opdrachten bij tekenen, zo moesten we het uitzicht vanuit een kelder op straat tekenen. En bij drama kun je lekker gek doen. In mijn mentorklas ben ik gekozen als leerlingenvoorzitter, dat is een soort klassenvertegenwoordiger. Op dit moment ben ik een laptoprooster aan het maken. Wij zijn een laptopklas en ik ben aan het uitzoeken wanneer je wel en niet een laptop nodig hebt, zodat je hem niet onnodig hoeft mee te slepen. Verder help ik de mentorleerlingen met plannen als ze dat willen en ik bemiddel ook bij ruzies. Ik vind dat er geen ruzie moet zijn en dat iedereen z’n rechten heeft in de klas. Ik probeer het goed te doen en zet me ervoor in. Ik wil hier de havo afmaken, en dan naar het vwo en dan naar de universiteit, want ik wil later psycholoog worden.'
Jordy Mud (12) 1e klas Praktijkonderwijs:
‘School is leuk. Soms vind ik het jammer dat het alweer bijna weekend is’
‘Op de basisschool vond ik het heel moeilijk, en toen ben ik hier heen gegaan. Dat is beter voor mij. Hier voel ik me thuis en hier kan ik ook heel goed mee doen. Modulair vind ik een leuk vak, ik heb nu catering. We maken hapjes voor de kinderen. Dan gaat de zoemer en dan komt iedereen naar de kantine en dan gaan ze het proeven. Broodje Gezond is het leukst om te maken. Andere kinderen doen metaal, of repro of textiel of hout bij modulair. Volgend jaar ga ik denk ik repro doen, dat is met computers. Later wil ik Formule 1 rijden, of bakken of ik ga bouwvakker worden. Vroeger ging ik met tegenzin naar school, nu vind ik het bijna jammer dat het alweer vrijdag is!’